In perscentrum Nieuwspoort is woensdag 20 mei de Pim Fortuyn Prijs 2026 uitgereikt. De prijs werd overhandigd door Simon Fortuyn, wethouder in de gemeente Lansingerland. Winnaar werd de Iraans-Nederlandse schrijver en psycholoog Keyvan Shahbazi. Daarnaast ontving columnist Martin Sommer de oeuvreprijs voor zijn jarenlange bijdrage aan het publieke debat.
De Pim Fortuyn Prijs wordt sinds 2015 uitgereikt aan de persoon die volgens de jury het meest het gedachtegoed van Pim Fortuyn vertegenwoordigt. Volgens de jury onderscheidde Shahbazi zich door zijn “moed, intellectuele onafhankelijkheid en bereidheid uit te spreken wat anderen liever vermijden”.
Vrijheid van meningsuiting
In zijn toespraak sprak Keyvan Shahbazi uitgebreid over vrijheid van meningsuiting, zijn ervaringen als politiek gevangene in Iran en de gevaren van zelfcensuur. “Vrijheid van spreken is geen bezit, maar een praktijk,” zei hij. Ook droeg hij de prijs op aan “de tienduizenden slachtoffers van het Iraanse regime”.
Simon Fortuyn prees Shahbazi om zijn kritiek op politieke islam en zijn inzet voor een seculiere samenleving. Daarbij verwees hij naar Shahbazi’s persoonlijke geschiedenis van vervolging en marteling in Iran.
Oeuvreprijs
De oeuvreprijs ging naar Martin Sommer vanwege zijn “intellectuele scherpte, journalistieke degelijkheid en de moed om tegen de stroom in te denken”. De voormalig journalist van de Volkskrant en huidige columnist van EW Magazine sprak in zijn dankwoord over de blijvende invloed van Pim Fortuyn op het Nederlandse debat.
Volgens Sommer worstelt Nederland ook in 2026 nog altijd met dezelfde maatschappelijke spanningen als tijdens het politieke tijdperk van Fortuyn. Hij noemde daarbij Fortuyns boek De verweesde samenleving “indrukwekkend”.
Andere genomineerden voor de Pim Fortuyn Prijs waren columnist en schrijver Michiel Lieuwma, politiek cartoonist Cortés en zangeres Lenny Kuhr. Vooral Kuhr kreeg tijdens de bijeenkomst aandacht vanwege haar uitgesproken standpunten over antisemitisme en haar recente besluit om zich in Israël te vestigen.









