De provincie Zuid-Holland heeft nog altijd geen definitieve keuze gemaakt over de plek voor windmolens in Lansingerland. Wel ligt er al langer een ontwerp-voorkeursbeslissing waarin Kruisweg-Oost als voorkeurslocatie naar voren is geschoven. Die keuze is nog niet definitief, omdat het milieurapport waarop die beslissing mede steunt eerst moet worden aangevuld. Toch blijft de provincie inhoudelijk inzetten op dezelfde locatie. Intussen komt de strijd in een nieuwe fase: actiegroep TurbulenT zegt naar Brussel te stappen en in Provinciale Staten groeit de discussie over de vraag of de provincie al te veel vooruitloopt op haar eigen eindbesluit.
Waar staat het dossier nu?
De provincie Zuid-Holland zoekt al langer naar een plek voor windenergie in Lansingerland. Daarbij kwamen meerdere locaties in beeld, waaronder Bleizo-West, Noordpolder en Kruisweg-Oost. In november 2025 sprak de provincie in een ontwerpbesluit een duidelijke voorkeur uit voor Kruisweg-Oost.
Maar die keuze is nog niet definitief. De onafhankelijke Commissie MER oordeelde daarna dat het milieueffectrapport, het zogeheten planMER, op belangrijke punten nog niet op orde was. Volgens de commissie ontbreekt informatie over onder meer geluid, natuur, landschap en erfgoed. Ook zat er een fout in het geluidsonderzoek. De provincie moet die kritiek nu eerst verwerken in een addendum op het planMER, voordat de definitieve voorkeursbeslissing kan worden genomen.
Wat is er nu nieuw?
Inmiddels speelt de discussie zich op twee fronten tegelijk af. Aan de ene kant is er de stap van actiegroep TurbulenT, die zegt een klacht te hebben ingediend bij de Europese Commissie. Volgens de groep wil de provincie met onvoldoende onderzoek en te veel haast windturbines doordrukken. TurbulenT wijst daarbij op de kritiek van de Commissie MER, de fout in het geluidsonderzoek en het volgens de groep gebrekkige onderzoek naar de gevolgen voor gezondheid en leefomgeving. De actiegroep zegt dat de provincie de fouten nu snel probeert te repareren, terwijl zij inhoudelijk blijft vasthouden aan dezelfde voorkeurslocatie. Daarom wil TurbulenT nu laten toetsen of Zuid-Holland ook volgens Europese regels wel zorgvuldig genoeg handelt.
Aan de andere kant loopt in Zuid-Holland zelf een tweede belangrijk traject: de Herziening Omgevingsbeleid 2025. Provinciale Staten moeten daar nog over besluiten. De provincie zegt nu dat de definitieve voorkeursbeslissing over Lansingerland pas daarna wordt genomen, naar verwachting eind juni.
Op papier lijkt dat een stap terug. Maar inhoudelijk blijft de provincie wel op dezelfde lijn zitten: Kruisweg-Oost blijft volgens haar de enige locatie waarmee verder wordt gewerkt.
Waarom loopt het Omgevingsbeleid nu door dit dossier heen?
Het provinciaal omgevingsbeleid gaat over de regels en plannen voor de ruimte in Zuid-Holland. Daarin staat dus ook welk beleid geldt voor windenergie en voor gebieden zoals het Groene Hart.
Juist daarom loopt deze herzieing nu door het winddossier heen. De provincie wil de definitieve keuze voor Lansingerland nemen binnen dat nieuwe beleidskader. Uit recente brieven van gedeputeerde Arno Bonte, die onze redactie heeft in mogen zien, blijkt dat de provincie die volgorde nadrukkelijk verdedigt. In een brief over het MER schrijft Bonte dat de kritiek van de Commissie mer wordt verwerkt in een addendum, maar dat Kruisweg-Oost naar verwachting ook daarna de voorkeurslocatie blijft.
In een andere brief schrijft hij dat de herziening van het Omgevingsbeleid en de voorkeursbeslissing volgens de provincie wel samenhangen, maar juridisch afzonderlijke besluiten zijn. Daarom vindt de provincie dat Kruisweg-Oost nu al in de Omgevingsverordening kan worden opgenomen, ook als de definitieve voorkeursbeslissing nog niet is genomen. Volgens Bonte betekent zo’n opname bovendien nog niet dat er automatisch een windpark komt, omdat daarvoor later nog aparte besluiten en vergunningen nodig zijn.
En daar botsen de provincie en tegenstanders. De tegenstanders vinden dat de provincie te hard vooruit loopt op haar eigen eindbesluit. Maar de provincie zegt simpelweg dat dat is toegestaan, omdat het aanpassen van het beleid en het kiezen van een voorkeurslocatie wel met elkaar te maken hebben, maar niet precies hetzelfde besluit zijn. Die stappen mogen naast elkaar lopen.








