Groeiende digitale ronseling van jongeren voor georganiseerde misdaad, CDA stelt vragen

Het CDA Lansingerland gaat het college vragen stellen over de betrokkenheid van jongeren bij georganiseerde en ondermijnende criminaliteit. Aanleiding is een recent bericht in Trouw waaruit blijkt dat jongeren via sociale media worden geronseld voor criminele klussen, zoals het vervoeren of verhandelen van drugs, geld-ezelpraktijken en geweld. Eenmaal betrokken – vaak onder druk – durven zij niet meer te stoppen, met ernstige gevolgen voor hun veiligheid en toekomst.

“Wij hebben eerder gehoord dat jongeren via sociale media worden geronseld om aanslagen te plegen met cobra’s of om een klusje te doen als uithaler van drugs in de Rotterdamse haven. De jongeren worden vaak verleid met geld, maar eenmaal in zo’n netwerk kom je er niet meer uit.” aldus CDA-raadslid Job Halkes. “Als criminelen onze jongeren via sociale media weten te bereiken, mogen wij niet achteroverleunen. We moeten lokaal alles op alles zetten om jongeren te beschermen, weerbaar te maken en criminelen geen ruimte te geven.”

De CDA-fractie in Lansingerland wil weten of het college deze signalen ook in de gemeente herkent en of er lokale cijfers of meldingen zijn over ronselpraktijken onder jongeren. Ook vraagt het CDA welke preventieve programma’s worden ingezet om jongeren weerbaarder te maken, hoe de samenwerking tussen gemeente, politie, Openbaar Ministerie, scholen en jongerenwerk is ingericht en of deze aanpak toereikend is. Daarnaast wil de fractie weten of het college aanleiding ziet om aanvullende maatregelen te treffen om jeugdige betrokkenheid bij ondermijnende criminaliteit te voorkomen.

Ook in de Tweede Kamer heeft de fractie van het CDA om opheldering gevraagd. De Kamerleden Straatman en Armut hebben schriftelijke vragen gesteld aan de minister van Justitie en Veiligheid en de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over de regionale duiding van de cijfers, de effectiviteit van de huidige aanpak en de rol van scholen bij preventie en signalering.

Dat het nieuwe kabinet een leeftijdsgrens van 15 jaar wil instellen voor sociale media is volgens Halkes een goede stap. “Sociale media hebben een hele leuke kant, maar ook een hele nare. Tieners worden al benaderd door dit soort criminelen als ze 12 of 13 zijn. Uit rechtszaken blijkt hoe geraffineerd ze te werk gaan en hoe ze het zo spelen dat kinderen bang zijn om het hun ouders te vertellen. Vaak hebben ouders niet eens door dat hun kinderen onder invloed staan van dit soort criminelen. Daarom moeten we niet alleen tieners, maar ook ouders helpen om te voorkomen dat criminelen via de smartphone toeslaan.”